Klik hier om terug te keren naar Homepage

vzw HOUVAST

 

 


Echtscheiding
  - Belastingen                                          

 

Voor een goed begrip:

• Inkomstenjaar j: het kalenderjaar waarin je de inkomsten ontvangen hebt die je op de belastingbrief moet invullen. (bijvoorbeeld: op de belastingsbrief die je in 2008 ontvangt, moet je dus de inkomsten van 2007 invullen)
• Aanslagjaar j+1: het jaar waarin je de belastingsbrief ontvangt en moet invullen. (bijvoorbeeld: voor 2008, is het aanslagjaar j+1 dus effectief 2008)


Feitelijke scheiding tijdens het inkomstenjaar j:

• Wat? Er is sprake van een feitelijke scheiding, als de echtgenoten werkelijk en op duurzame wijze een verschillende woonplaats hebben
• Er wordt nog altijd een gemeenschappelijke aanslag gevestigd. Enige uitzondering: de scheiding is in datzelfde inkomstenjaar j ook al uitgesproken én voor het einde van dat jaar in de registers van de burgerlijke stand overgeschreven.
Bij die gemeenschappelijke aanslag moet je dan ook samen met de ex-partner één enkele aangifte invullen.
• Als ex-partner niet kamen één aangifte kunnen invullen, dan staat de fiscus toe dat elk van de echtgenoten apart een formulier invult. Let op: dat betekent wel dat je sommige aftrekposten niet optimaal kan verdelen. De fiscus doet dat immers niet zelf.
• Opgelet: vrouwen moeten altijd de tweede kolom invullen, ook als ze apart een formulier invullen dat deel uit maakt van een gemeenschappelijke aangifte.
Scheiding afgerond in het inkomstenjaar of het hele jaar feitelijk gescheiden geleefd:
• Als de scheiding is afgerond, wil dit zeggen dat ze in de registers van de burgerlijke stand werd overgeschreven voor het einde van het inkomstenjaar j.
• Het hele jaar feitelijk gescheiden geleefd, betekent dat je het jaar voordien (j-1) al uit elkaar bent gegaan.
• Voor de fiscus word je dan als alleenstaande beschouwd, en moet je dus elk een eigen aangifte invullen.
• Iedereen - ook de vrouwen - moet dan de eerste kolom invullen.
 

Wie is fiscaal ten laste?

• Een persoon kan ten laste worden beschouwd als die deel uitmaakte van het gezin op 01 januari van het aanslagjaar j+1 én bovendien minder eigen netto-bestaansmiddelen had dan een jaarlijks door de fiscus bepaald bedrag (dat voor alleenstaanden nog opgetrokken wordt). Voor kinderen ten laste is de toestand op 01 januari van het aanslagjaar j+1 bepalend.
• Ingeval van een feitelijke scheiding tijdens het inkomstenjaar j (dus nog met een gemeenschappelijke aanslag), zijn de kinderen die op 01 januari van het aanslagjaar j+1 met één van beide ouders samenwonen ten laste van het gezin. Maar als één van de ouders voor één of meerdere van die kinderen voor dat inkomstenjaar j ook al onderhoudsgelden aftrekt, dan mag je hen niet als ten laste van het gezin beschouwen.
• In geval van co-ouderschap kunnen de kinderen maar ten laste zijn van de vader óf van de moeder, niet van beiden. Ofwel komen de ouders overeen (of bepaalt de rechtbank) wie de kinderen ten laste neemt, ofwel (als er geen akkoord is) gaat de fiscus uit van het domicilieadres van de kinderen om te bepalen bij wie ze fiscaal ten laste zijn.
• In geval van co-ouderschap kunnen beide ouders ook aangeven dat ze het belastingsvoordeel onder hun tweeën willen verdelen. Daarvoor moeten ze elk jaar opnieuw een aanvraag toevoegen bij beide aangiften. Die aanvraag moet een door de fiscus voorgeschreven model zijn én beide ouders moeten deze ondertekenen. Let op: in dit geval mag geen van beide ouders onderhoudsgelden voor die kinderen aftrekken.
 

Onderhoudsgeld

Onderhoudsgelden zijn aftrekbaar voor 80% van het betaalde bedrag voor degene die ze moet betalen.
De verkrijger moet ze wel als inkomsten aangeven. Dit betekent dat onderhoudgelden die betaald zijn ten gunste van een kind, niet op de aangifte moeten komen van de ouder waarmee dat kind samenwoont. Het kind in kwestie moet deze inkomsten op een eigen aangifte invullen, ook als het minderjarig is. In de praktijk heeft dit alleen zin als de totale eigen netto-inkomsten van dat kind hoger zijn dan het minimum belastbaar inkomen.
 

Wanneer mag je het onderhoudsgeld aftrekken ?

Er moeten vier voorwaarden vervuld zijn:
• Je hebt het onderhoudsgeld betaald op grond van een wettelijke onderhoudsplicht.
• De begunstigde maakt geen deel uit van je gezin (en is dus niet fiscaal bij jou ten laste). Het meest voor de hand liggende bewijs is het domicilie (= de wettige woonplaats, zoals vermeld in de registers van de burgerlijke stand). Maar dat is geen absoluut bewijs: eventueel kan je bijvoorbeeld ‘aantonen’ dat je vroeger uit elkaar gegaan bent dan de datum vermeldt in de registers van de burgerlijke stand.
• Het onderhoudsgeld wordt regelmatig uitbetaald. Dit wil niet zeggen dat het geld op een specifieke datum betaald moet worden, maar wel periodiek.

• Je kan de betaling kan met een bewijskrachtig bescheid verantwoorden (bvb rekeninguitreksels).

Vanaf wanneer mag je het onderhoudsgeld aftrekken?
Normaal is het onderhoudsgeld voor de kinderen al aftrekbaar vanaf het eerste jaar van de feitelijke scheiding (dus vanaf het jaar dat er apart geleefd werd). Het kind is dan wel niet meer ten laste van de ouders, want die worden die immers gezamenlijk belast.

 

 

 

© vzw HOUVAST 150/1

 

Wens je meer te weten over dit onderwerp, of wil je hierover je eigen ervaringen delen met andere bezoekers, dan kan je dit steeds doen op het FORUM. In ons forum voeren bezoekers van onze site gesprekken waarin ze hun eigen ervaringen delen met elkaar, steun geven aan elkaar of nuttige tips uitwisselen. De sterkte van vzw HOUVAST ligt hierin dat men op een snelle wijze veel kan leren van de ervaringen van anderen.


snelmenu

Snelmenu naar andere artikels:

 

Laatst aangepast op 20-07-2011 Aangepast

© 2003-2014 - vzw Houvast